Er komt geen einde aan het wachten op hulp

Gisteren publiceerde ik een opiniestuk in De Morgen over onze eindeloze zoektocht naar hulp toen het minder ging met onze oudste dochter

In deze blog kun je de #LongRead lezen van dit stuk…

Van wachtlijst tot wachtlijst: trek uw plan…  

Eergisteren sloeg de Pano-reportage over de nood aan psychische hulp bij onze jongeren bij velen in als een bom. Of moet ik zeggen: als een storm in een glas water? Want laat ons eerlijk zijn: de verontwaardiging van vandaag waait morgen wel weer over. Alleen voor de betrokkene gaat dit nooit over. Tot het te laat is. Of trekken we aan de noodrem? 

Van zoektocht naar dilemma 

Toen onze oudste dochter 6 jaar was, riep ze verontwaardigd “dat ze niet wou leven in deze te drukke wereld”. Ik dacht initieel dat de peuterpuberteit wat was blijven hangen, maar toen bleek dat ze dat meende en heel zwarte gedachten had, moesten we even slikken. Anderhalf jaar na onze eerste hulpvraag konden wij bij een psycholoog terecht. De eerste psycholoog in een hele rij. Wat daarna volgde was een zoektocht naar een diagnose die uiteindelijk viel (autisme, add en later ook depressie) en ondersteuning. Wist ik veel dat een zoektocht naar aangepaste zorg vooral zou betekenen: het deksel op je neus krijgen. Keer op keer. Maar hé, een ontmoedigd vrouw is er twee waard – of niet soms? 

De panorama-uitzending deze week bracht hier meteen een dilemma: kijken of niet. Al bij de aankondiging van het onderwerp, voelde ik een pijnlijke druk op mijn borstkas. Krop in de keel. Die zit er nog steeds. Al dagenlang. Want de kant “kijken” heeft gewonnen. Dat zoveel anderen hetzelfde meemaken als je eigen kind: het zou troost kunnen bieden, als het niet zo hartverscheurend was. Tijd voor wat collectieve woede – om te zetten in liefde voor onze jongeren.

Wandelen als therapie… Reflectie…

De trieste kampioen 

We zijn in België al jarenlang koplopers wat betreft zelfdoding bij  jongeren. Die cijfers zijn slechts het topje van de ijsberg en verbergen de grotere massa van jongeren die door het diepste dal gaan –  op zoek naar hulp en zichzelf.  Tegelijkertijd zeggen experten dat je met vroege detectie al heel wat latere hulpvragen kan counteren. Voorkomen dat een jongere in een diep gat valt, dat willen we toch allemaal? 

Blijkbaar niet. Want de hulpverleners staan met de handen in het haar, ouders, broers en zussen worden meegesleurd in de neerwaartse spiraal van de jongere die worstelt Tegelijkertijd staat iedereen erop te kijken. Een stilte kan ook oorverdovend zijn.

Niemand kan écht begrijpen waar je als gezin doorgaat wanneer je intussen tiener aangeeft dat ze niet meer wil leven en daar ook stappen toe onderneemt. Wij hadden “geluk” dat ze al sinds haar 8ste door psycholoog en kinderpsychiater privé werd opgevolgd. We zagen immers de tekenen dat ze dit ooit écht nodig zou hebben. Alleen is die wekelijkse sessie in zo’n crisis moment uiteraard niet voldoende. Je zoekt verder – maar raakt verstrikt in een kluwen van systemen, punten en pijlers (kindergeld), lotingen (inschrijving school en internaat) en meer dan eens raakten we zelfs niet op de wachtlijst… om op de wachtlijst te geraken. Of nog erger: er is een aanmeldingsstop. Tot wanneer? Probeer binnen 9 tot 12 maand nog eens. 

De (bewuste) complexiteit der dingen

Er is in België en Vlaanderen best wel veel en diverse hulp voorhanden. Tegelijkertijd moet je precies een doctoraat hebben om je weg te vinden én te weten wat je kan aanvragen. Sociale kaart? Wachtlijst?Het leek in ons geval een verzameling “lijsten van Godot”. 

Ook puur het aanvragen van hulp is onbegrijpelijk complex. Het lijkt wel alsof men wil dat je er niet in slaagt. Ik heb meerdere diploma’s maar moest voor één aanvraag mijn tanden stukbijten op een document van +20 bladzijden waar ik dan pas anderhalf jaar later reactie op krijgt door een arts die het dossier niet eens leek te hebben gelezen. Een gesprek? Was niet nodig, want alles was duidelijk – ook al was onze situatie intussen gewijzigd. En dan blijf je achter met het gevoel dat wie je dossier behandelt, jou bekijkt als profiteur omdat je kleine tegemoetkoming wil ter compensatie tsunami aan maandelijkse kosten die op je afkomen.

Wij zochten onze toevlucht tot privé hulpverlening –  terwijl ik besef dat dit ook niet voor iedereen kan. Toch denk ik dat élke ouder doet wat die kan, omdat je hoopt – tegen beter weten in – dat dit toch op zijn minst zal helpen. Je bespaart wel op jezelf, andere aankopen, schrapt op reis gaan – alles om je kind te kunnen helpen. Komaan, nog even doorbijten. Maar wat als dat “even” doorbijten enkele jaren wordt, tot je verzuipt verzuipt? Al een chance dat er corona was – dan moesten we tenminste geen geld uitgeven aan vrije tijd. Ironie o ironie. 

Rust door dieren…

Intussen gaat je kind verder onderuit, terwijl je erop staat te kijken. School lukt niet meer, de leefwereld wordt gereduceerd tot de vierkante meters van haar kamer. Je wordt steeds wanhopiger. In ons geval hadden we geluk dat doorgedreven therapie én uiteindelijk een heel andere context met een auti-school (na loting) een voorzichtige kentering bracht, al blijft het een bijzonder fragiel evenwicht. Iedereen denkt intussen dat wij er nu wel zijn, want de dochter zit officieel op internaat 4 nachten per week. Dat we in realiteit de helft van die nachten haar hals over kop thuis moeten opvangen omdat ze overprikkeld is, we de nachten dat ze wél op internaat is heel vaak ‘s nachts moeten geruststellen omdat ze een paniekaanval heeft waar ze niet uit geraakt, dat ziet niemand. We dragen ons lot in stilte. Zoals velen. Want hé, zo erg zal het wel niet zijn… Ze zit toch op internaat… 

Een collectief schuldig verzuim

Het maakt me stilaan moedeloos als ik dan al die verhalen zie, zoals nu ook in Pano. En toch weet ik: ook deze golf van maatschappelijke verontwaardiging na Panoma zal wel weer overwaaien… Het is allemaal… too little too late. En ja, Corona heeft het allemaal nog meer de spits op gedreven. Maar laat ons eerlijk zijn: het drama van onze geestelijke gezondheidszorg is niets nieuws. Als samenleving verslikken we ons even in onze ochtendkoffie en … gaan weer over tot de orde van de dag. Een collectief schuldig verzuim door onze kop in het zand te steken.

Volgens de reportage krijgt naar schatting één op twee jongeren de hulp niet die ze nodig hebben, het raakt ons nu misschien even. Maar morgen zijn we dat vergeten. We zetten onze jongeren, onze collectieve maatschappelijke toekomst, gewoon verder bij het huisvuil. Want zolang we hen niet de ondersteuning en hulp geven die ze nodig hebben, is dàt wat we doen. Dus beste samenleving, kruipen we samen onder een steen en gaan we ons doodschamen? Of… is het nu écht tijd voor actie. Beste politiek en administratie: Maak hier aub een focus van. Onze jongeren verdienen het op te groeien in een wereld die écht om hen geeft. Ook als er geen warmste week of rode neuzendag is.